V&VN-voorzitter Gerton Heyne over 2020: ‘Als er blijvend meer waardering komt, dan heeft dit jaar ook iets goeds gebracht’

  • 31 december 2020
  • Interview
  • V&VN Algemeen
09. Gerton Terugblik
Foto © Saskia Beers

In deze laatste week van 2020 blikten we met een aantal zorgprofessionals terug op een veelbewogen, hectisch en heftig (corona)jaar. Tot slot: Gerton Heyne, interim-voorzitter van V&VN.

Gerton, hoe heb jij 2020 beleefd?

“Hectisch, boeiend, bizar en leerzaam. Het was aanvankelijk het idee dat ik me - als interim-voorzitter van V&VN - vooral zou bezighouden met de vernieuwing van de vereniging. Maar toen kwam de coronacrisis als een donderslag bij heldere hemel. Het voelde als een achtbaan. Ik moest al snel uit mijn comfortzone, ook omdat ik regelmatig in de media kwam. Het was zó belangrijk – en daarom ook spannend – om een vaak confronterende boodschap goed voor het voetlicht te brengen. Er stond écht iets op het spel: de kwaliteit van zorg en de veiligheid van verzorgenden en verpleegkundigen. En daarmee ook die van patiënten, cliënten en bewoners. ”

Wat was jouw hoogtepunt?

“Ik vind het niet gepast om in zo’n heftig jaar over een hoogtepunt te spreken. Wat me bijstaat is de enorme energie en motivatie van verzorgenden, verpleegkundigen en verpleegkundig specialisten. En diezelfde energie en motivatie binnen de vereniging om alles in het werk te stellen om hen hun werk zo goed en veilig mogelijk te kunnen laten doen. Bijvoorbeeld als het ging over een betere verdeling van beschermende middelen, over het aanscherpen van de richtlijnen rondom PBM, over een realistisch plan voor opschaling van de IC-capaciteit of over de ramp die zich voltrok in de verpleeghuizen en de wijkverpleging. Daar was vanuit pers en politiek te weinig aandacht voor. Net als voor andere sectoren, zoals de GGZ of de gehandicaptenzorg. Daar bleven we keer op keer op hameren bij VWS, in de pers en in politiek Den Haag.

Uiteindelijk wierp dat ook zijn vruchten af. Het opschalingsplan voor de IC’s is er veel realistischer door geworden. Dat Rowan Marijnissen daar als verpleegkundige samen met mensen als Diederik Gommers en Ernst Kuipers over meebeslist was vóór corona bijna ondenkbaar.

Zo vind ik het ook sterk hoe Marita de Kleijne namens de verzorgenden gereageerd heeft op de uitspraken van Van Dissel over het opleidingsniveau van verzorgenden. Door duidelijk een streep te trekken, maar óók te zeggen: kom eens langs, praat mét en niet over ons.

En waar wij van het begin af aan aandacht vroegen voor de grenzen aan de inzetbaarheid en belastbaarheid van verpleegkundigen en verzorgenden, is dat inmiddels een zorg van iedereen.”

En het absolute dieptepunt?

“Wat me erg tegen is gevallen, is dat het nog steeds niet vanzelfsprekend is om vooral regionaal en lokaal die kennis van verpleegkundigen, verzorgenden en verpleegkundig specialisten echt ten volle te benutten. Dan mis je als samenleving kansen. Dat is zó dom! Als je die kennis wél benut, wordt de zorg er gewoon beter van.”

Welke les neem je mee naar 2021?

“Het was soms nodig om ook met een confronterende boodschap de pers op te zoeken. Ook met chocoladeletters. Ik ben van nature optimistisch, goed gehumeurd en op zoek naar verbinding maar het afgelopen jaar heb ik geleerd dat ik soms een andere toon moest laten horen en zien. Mijn vrouw zei af en toe: ‘Je begint wel een beetje de boze man te worden.’ Dat hoorde ik ook met regelmaat in politiek Den Haag. Maar dat was nodig om een punt duidelijk te maken.

Al hebben we zeker niet alles goed gedaan. Ik heb vast inschattingsfouten gemaakt, soms verkeerde woorden gebruikt of gevoeligheden niet op waarde geschat. Ik hoorde de kritiek echt wel, ook die op Twitter of op Facebook. Dat we te terughoudend waren. Te soft. Te bestuurlijk. Maar ik kreeg ook mails met als strekking “graag effe dimmen, je bent een beroepsvereniging en geen vakbond”. Het is altijd balanceren als je werkt voor de beroepsvereniging van ruim 100.000 zo ontzettend gemêleerde en enorm betrokken mensen. Je kunt nooit iedereen tevreden stellen. Maar je moet het wél proberen.” 

Wat hoop je voor het nieuwe jaar?

“Ik hoop dat het vaccin z’n werk gaat doen en dat we weer een beetje terug kunnen naar het normale leven. Maar ik hoop ook dat men nog meer gaat inzien dat verpleegkundigen, verzorgenden en verpleegkundig specialisten daadwerkelijk de ruggengraat van de zorg zijn en dat ze ook zo gezien worden. Dat het gaat leiden tot meer waardering. En dan heb ik het niet alleen over salaris, maar ook over bijvoorbeeld betere loopbaanpaden en ontwikkelingsmogelijkheden. Als er blijvend meer waardering komt, dan heeft dit jaar ook iets goeds gebracht.”

Tot slot, wat wens je alle verpleegkundigen en verzorgenden toe?

“Allereerst dat verpleegkundigen, verzorgenden en verpleegkundig specialisten de erkenning, het respect en de positie krijgen die ze verdienen. Ik wens elke verpleegkundige, verzorgende en verpleegkundig specialist heel veel lef toe om zelf naar voren te stappen. Dat is spannend en niet altijd makkelijk. Maar doe het toch! Blijf knokken voor de plek aan tafel. Vooral ook binnen jouw organisatie, binnen je team, op elk niveau. En zoek elkaar op, zoek de verbinding met elkaar. Eendracht maakt macht, zeker bij de mooiste én grootste beroepsgroepen in de zorg.”

Word lid en praat mee!

Samen met 105.000 leden maken we ons als beroepsvereniging sterk voor professionalisering van de beroepen verpleegkundige, verzorgende en verpleegkundig specialist. Leden horen, zien en helpen; dat is waar we als V&VN voor staan. Wil jij invloed hebben op hoe jouw beroep zich ontwikkelt? Word lid van V&VN.

Word net als Esmee lid van V&VN. Kom op voor jouw beroep!