Ledenpeiling: steun voor koers na Wet BIG-II

  • 6 februari 2020
  • Nieuwsbericht
  • Beroepsprofielen
  • Alle afdelingen

Het voorstel “hoe verder na het intrekken van de Wet BIG-II” kan rekenen op steun van de leden van V&VN. Dit blijkt uit een peiling waar 8.359 verpleegkundigen, verzorgenden en verpleegkundig specialisten aan mee hebben gedaan. 72% gaf aan het (grotendeels) eens te zijn met voorstel van het bestuur. 13% is het (grotendeels) oneens met het voorstel. Onder de 6.382 verpleegkundigen die aan de peiling hebben meegedaan, is 75% voor en 12% tegen.

 

Samen verder

Gerton Heyne, voorzitter a.i. van V&VN: “Ik ben blij met de duidelijke steun voor het voorstel. Dat biedt perspectief. Ook om als beroepsvereniging de ondersteuning te bieden waar onze leden en hun collega’s om vragen.”

Beeld open antwoorden

Deelnemers aan de peiling hadden de mogelijkheid om hun keuze voor of tegen het voorstel nader toe te lichten. Uit een eerste inventarisatie van deze open antwoorden blijkt dat de volgende zaken het vaakst worden genoemd:

  • Er is een onderscheid tussen mbo en hbo en dat mag worden erkend en gewaardeerd.Een citaat: “Hbo en mbo moet in de praktijk een scheiding in komen, waarom zijn er anders 2 verschillende opleidingen?”
  • Naast opleiding gaat het ook om individuele werkervaring en competenties.Een citaat: “Er moet veel meer gekeken worden naar ervaring en bij- en nascholingen.”
  • Voor nieuwe collega’s mag er een onderscheid komen tussen mbo en hbo, maar ervaren collega’s met bijvoorbeeld een inservice of mbo-achtergrond moeten op grond van hun ervaring en competenties wel perspectief krijgen en houden.Een citaat: “Er is zo veel ervaring aanwezig bij degenen die inservice opleidingen hebben gedaan.”

Gerton Heyne: “Uit de eerste analyse van de open antwoorden komen - tot nu toe - geen zaken naar voren die tot een aanpassing van het voorstel leiden. De komende weken gaan we verder met het verwerken van alle opmerkingen die onze leden hebben gemaakt. Als daar nieuwe inzichten uit komen, doen we daar verslag van. Ik verwacht dat we in maart, april komen met de verdere uitwerking van ons voorstel. We streven hierbij naar  betrokkenheid van zo veel mogelijk verpleegkundigen. Bijvoorbeeld als het gaat om de ontwikkeling van een nieuw, breed gedragen en toekomstbestendig beroepsprofiel.”

Representativiteit

De samenstelling van de verpleegkundigen in de responsgroep is vergelijkbaar met die van de totale populatie verpleegkundigen. Wel is het aantal respondenten dat in een ziekenhuis werkt wat lager dan in de totale populatie (36% versus 40%*). Respondenten die als verpleegkundige in een verpleeghuis of de wijk werken zijn met 35% meer vertegenwoordigd ten opzichte van de totale groep verpleegkundigen (bijna een kwart*). Eén op de zeven respondenten is man, wat ook geldt voor de totale populatie*. De leeftijd van de respondenten ligt hoog (33% is ouder dan 55 jaar), wat ook geldt voor de totale populatie verpleegkundigen (39,3% is ouder dan 50 jaar*).

*Bron: “Drie keer zoveel verpleegkundigen als artsen” (CBS, 12-5-2017).

Vanaf begin 2020 kun je reageren op berichten via het nieuwe verenigingsplatform van V&VN. Wil je nu al een reactie kwijt? Praat mee op social media. 

Word lid en praat mee!

Samen met 105.000 leden maken we ons als beroepsvereniging sterk voor professionalisering van de beroepen verpleegkundige, verzorgende en verpleegkundig specialist. Leden horen, zien en helpen; dat is waar we als V&VN voor staan. Wil jij invloed hebben op hoe jouw beroep zich ontwikkelt? Word lid van V&VN.