'Ik miste iets in mijn werk. Ik wilde meer'

  • 23 januari 2019
  • Nieuwsbericht
  • Beroepsprofielen
  • V&VN Algemeen

In 2020 is het zo ver: de komst van de nieuwe beroepsprofielen. Organisaties moeten zich hierop voorbereiden, maar ook voor jou als verpleegkundige of verzorgende is het goed om alvast na te denken: wat wil ik? V&VN sprak met een aantal verpleegkundigen en verzorgenden die dit al hebben gedaan. Deze keer: Karin Lont (39), student hbo-v en verpleegkundige op de afdeling neurologie van de Noordwest Ziekenhuisgroep locatie Alkmaar.

Van mbo-verpleegkundige op de afdeling acute opname naar student hbo-v en verpleegkundige op de afdeling neurologie. Karin werkt al ruim 16 jaar in het ziekenhuis in Alkmaar, nu onderdeel van de Noordwest Ziekenhuisgroep. In juni 2018 ging op de afdeling acute opname, waar ze destijds nog werkzaam was, een proeftuin mbo-hbo van start. Karin: “Voordat we met de proeftuin begonnen werd er een kernteam gevormd bestaande uit mbo-, hbo- en seniorverpleegkundigen en het unithoofd. Ik zat ook in dit team. Samen schreven we een plan: hoe willen we de functiedifferentiatie neerzetten? Een lastige klus. Bovendien was er op de afdeling sprake van flinke weerstand.”

Tijd nodig

Die weerstand was vooral gebaseerd op de verwachting van mbo- en inservice-verpleegkundigen dat ze door de functiedifferentiatie bepaalde taken niet meer zouden mogen uitvoeren. Karin begreep die weerstand, maar voelde die zelf niet zo. “Ik snap dat het weerstand oproept als er vanuit wordt gegaan dat een pas afgestuurde hbo-verpleegkundige bepaalde coördinerende en coachende taken wel kan oppakken, maar een inservice- of mbo-verpleegkundige met tien jaar ervaring op de afdeling niet. Zo schop je mensen tegen het zere been. Toch denk ik: je moet de omslag een keer maken. De rollen van mbo- en hbo-verpleegkundigen positioneren zoals ze op papier bedoeld zijn. Tijdens een werkbezoek aan het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis, waar ze ook al met functiedifferentiatie aan de slag zijn gegaan, zag ik dat ze daar positief waren over de ontwikkelingen. Dat hoop je dan ook voor je eigen afdeling, maar zoiets heeft tijd nodig. In de praktijk worden ervaren verpleegkundigen nu nog steeds voor coördinerende taken ingezet. De afspraken zijn nog niet heel strikt. Zelf was ik op het moment dat de proeftuin begon al bezig met de opleiding hbo-v.”

Specialiseren

De reden dat Karin in 2015 aan die opleiding begon, was dat ze zich graag verder wilde specialiseren. “Ik miste iets in mijn huidige werk. Ik wilde meer. Waarin ik me wilde specialiseren wist ik nog niet precies, maar hbo-v is voor veel specialisaties een ingangseis. Toen ik meer te weten kwam over de nieuwe beroepsprofielen ontdekte ik dat ik me niet per se hoef te specialiseren omdat er voor mij in mijn werk op de verpleegafdeling nog veel winst te behalen valt. Ik werk nu op de afdeling neurologie, waar ik mij als hbo-verpleegkundige goed kan ontwikkelen. Anders dan op de acute opname afdeling hoef ik hier niet steeds te schakelen tussen de verschillende disciplines, waardoor ik het beter voor elkaar krijg om de hbo-competenties, zoals het klinisch redeneren en het evidence-based werken, eigen te maken.”

Coachen

Karin koos er niet voor om door te leren omdat ze een betere verpleegkundige aan het bed wilde worden. Ook als mbo-verpleegkundige zag ze zichzelf als een goede verpleegkundige. Ze vindt dat mensen zich moeten realiseren dat mbo-verpleegkundigen niet minder zijn dan hbo-verpleegkundigen. Dat geldt ook na de invoering van functiedifferentiatie. “Hbo-verpleegkundigen worden opgeleid om aan het bed extra taken te kunnen uitvoeren, zoals onder andere het coachen van collega’s, klinisch redeneren en het coördineren van de zorg. Vooral dat stukje coachen vind ik heel erg leuk. Collega’s meenemen, advies geven, samen op zoek naar de beste oplossing voor een probleem.” Karin hoopt in juni 2019 haar opleiding af te ronden. “Daarna wil ik graag aan het werk als regieverpleegkundige of als seniorverpleegkundige, afhankelijk van hoe het onderscheid tussen mbo en hbo straks gemaakt wordt op de afdeling neurologie. Deze afdeling moet nog starten met een proeftuin.”

Tip

“Mijn tip voor andere verpleegkundigen? Zorg dat je voor jezelf duidelijk hebt of doorleren je iets kan opleveren. Zo ja, weet je waar je naartoe werkt. En ga het gesprek aan met collega’s en je leidinggevende. Blijven praten met elkaar, dat is het belangrijkste.”

Vanaf begin 2020 kun je reageren op berichten via het nieuwe verenigingsplatform van V&VN. Wil je nu al een reactie kwijt? Praat mee op social media.

Word lid en praat mee!

Samen met 105.000 leden maken we ons als beroepsvereniging sterk voor professionalisering van de beroepen verpleegkundige, verzorgende en verpleegkundig specialist. Leden horen, zien en helpen; dat is waar we als V&VN voor staan. Wil jij invloed hebben op hoe jouw beroep zich ontwikkelt? Word lid van V&VN.