Geleende tijd

  • 29 september 2017
  • Blog/Vlog
  • M&G Wijkverpleegkundigen

Het is een van de laatste dagen van het jaar als ik voor het eerst zijn tuinpad op loop. Ik druk op de bel en weet niet goed wat ik kan verwachten. “Dagelijks ondersteuning bij wassen en kleden” stond op de verpleegkundige overdracht vanuit het hospice. Verder geen toelichting.

In de kamer zit een duidelijk vermoeide man, tevreden lachend voor zich uit te kijken. Hij reageert hartelijk op mijn komst. Samen met zijn echtgenote vertelt hij zijn verhaal. Ze vullen elkaar aan, wisselen stralende blikken met elkaar uit. Heerlijk als je over de 80 bent en dan nog zo naar elkaar kan kijken.

Een wonder

Enkele maanden eerder werd hij opgenomen in het ziekenhuis, vertelt zijn echtgenote. Hij weet er niet veel meer van, zo ziek was hij. Ze moest zich voorbereiden op het overlijden, dit zou niet lang duren. Hij was ernstig ziek, opereren was geen optie. Het raakte hem niet zo, zegt hij. Hij heeft dit helemaal niet meegekregen. Hij werd overgeplaatst naar het hospice, om daar te sterven. Stukje bij beetje knapte hij op. “Een wonder” had de specialist in het ziekenhuis het genoemd: “Dit hebben we nog niet meegemaakt."

Tijdens het gesprek blijkt algauw dat hij veel pijn heeft. Hij kan amper lopen van de pijn: Jicht. Hij heeft deze klachten bij ontslag verzwegen. “Want” zegt hij, “na al die maanden wil ik nu wel weer eens bij mijn meisje slapen.” Samen kijken we wat kan, maar de trap op is echt geen optie. Ik mag hem het slechte nieuws vertellen, hals over kop een bed organiseren en de huisarts bellen. Een week later is het eindelijk zover. Het bed gaat terug naar de uitleen. Hij kan boven slapen.

We ondersteunen hem bij de zorg, leren hem weer zelfstandig te worden en z’n energie te verdelen. We ondersteunen haar, zodat ze niet overbelast raakt. Spreken met de huisarts af bij welke signalen hij geïnformeerd wil worden. Langzaam maar zeker wordt hij zelfstandiger, leert zij signalen van overbelasting herkennen. We kijken samen wat ze nodig hebben. We helpen bij het verwerken van de periode die achter hen ligt en het ongewisse dat komen gaat.

Vinger aan de pols

Die zomer wandelt hij met de fysiotherapeut en later alleen het blok rond, hij zit in de tuin, af en toe op een terrasje in het dorp. Ze gaan er samen op uit en genieten met volle teugen van de ‘geleende tijd’. Ze weten hoe kwetsbaar het is, maar laten zich daar niet door leiden. De zorg wordt afgebouwd tot ‘de vinger aan de pols houden’ hoe het met beide gaat.

Tot het najaar. Ineens gaat hij achteruit. Het wandelen gaat minder, hij kan de trap niet meer op, klachten nemen toe. Zorg die geleidelijk afgebouwd was, wordt weer uitgebreid. Beiden weten dat hij vanaf nu alleen nog maar in zal leveren, dat het niet lang meer zal duren. Alle risico’ s worden in kaart gebracht. Er wordt ingezet op comfort voor hem en rust voor haar.

Het bed komt weer in de kamer. Eerst alleen om overdag op te rusten, maar al snel is het niet meer veilig hem de trap op en af te laten gaan. De keuze moet gemaakt worden. Boven of beneden blijven. Het is een emotioneel én reëel gesprek. Hij kan niet meer naast ‘zijn meisje’ slapen.

Deze periode vinden ze vooral erg voor elkaar. Ze willen dat de ander geen verdriet heeft, niet lijdt. Ze durven in het begin ook hun angst niet naar elkaar uit te spreken, alles om de ander te sparen. Ik zie hun worsteling. Ik zie hoe ze elkaar uit de wind willen houden.

Afzonderlijk ga ik het gesprek met ze aan. Waarom houdt je elkaar uit de wind? Ben je er gerust op als de ander zijn of haar pijn of gevoel niet deelt, of wordt je dan juist onzeker of ongerust? Als de ander verdriet heeft, zou je hem of haar dan niet willen steunen? Hoe denk je dat dat andersom is? Langzaam spreken ze zich uit naar elkaar. Een periode van veel samen lachen, maar zeker ook samen huilen en samen delen breekt aan. Die zichtbaar liefdevolle band, lijkt alleen maar sterker te worden.

Een jaar nadat verteld werd dat hij zou overlijden, overlijdt hij rustig en tevreden in zijn eigen huis. Dit keer hebben ze wel afscheid kunnen nemen.

Dit nieuwsartikel is per december 2019 overgeplaatst van de oude website van V&VN naar de vernieuwde website. Eerder geplaatste reacties komen hiermee te vervallen. Wil je reageren op dit artikel? Praat verder op social media.

Word lid en praat mee!

Samen met 105.000 leden maken we ons als beroepsvereniging sterk voor professionalisering van de beroepen verpleegkundige, verzorgende en verpleegkundig specialist. Leden horen, zien en helpen; dat is waar we als V&VN voor staan. Wil jij invloed hebben op hoe jouw beroep zich ontwikkelt? Word lid van V&VN.