Fixeren: heftig voor patiënt én verpleegkundige

  • 15 november 2018
  • Nieuwsbericht
  • Overbodige zorg
  • V&VN Algemeen

Patiënten vastleggen met onrust-, pols- of enkelbanden; oftewel fixeren. In het Diakonessenhuis in Zeist deden ze het al jaren niet meer, maar toch werden verpleegkundigen er nog wel in geschoold. Tot in oktober de fixatietraining hier werd afgeschaft. Het ziekenhuis zet als eerste in Nederland deze stap. Geriatrieverpleegkundige Marianne van Wingerden (27) is blij. “Fixeren zit niet meer in ons systeem. Het is geen optie.”

Marianne is aandachtsvelder voor kwetsbare ouderen en vrijheidsbeperkende interventies. Haar eigen ervaring met fixeren is niet positief. “De laatste keer dat ik iemand heb gefixeerd was ongeveer zes jaar geleden. Ik was net afgestudeerd en werkte als verpleegkundige in een ander ziekenhuis. De patiënt was geopereerd aan zijn heup en was verward. Ik moest hem vastleggen in banden, maar hij hallucineerde en dacht dat er brand was. Hij probeerde zich dus los te wurmen. Heel heftig om te zien. Deze patiënt is een aantal dagen gefixeerd geweest en ondertussen is een behandeling ingezet om de onrust weg te nemen. Deze ervaring heb ik altijd in mijn achterhoofd gehouden.”

Afschaffen

Toen ze in het Diakonessenhuis in Zeist aan de slag ging, kreeg Marianne van haar teamhoofd te horen dat ze hier niet fixeren. De reden: het is onprettig voor de patiënt én heftig voor de verpleegkundige. Een opluchting voor Marianne. Volgens coördinator vrijheidsbeperkende interventies Petra van der Linden is er eigenlijk al sinds 2015 niet meer gefixeerd, op geen enkele afdeling. Op de afdeling Ouderengeneeskunde is er al veel langer niet meer gefixeerd. Toch kregen verpleegkundigen nog wel jaarlijks een praktijktraining om patiënten te kunnen fixeren. Petra: “Eind vorig jaar sprak ik met verpleegkundigen over de verbeterpunten voor 2018. Dit onderwerp kwam toen ter sprake. We zijn gaan kijken: wat is er nodig om de training af te schaffen? Beschikken we over genoeg alternatieven? Het is echt een grote stap om als ziekenhuis te zeggen: we doen het niet meer. Toch durfden we het aan. De banden die we nog hadden liggen, zijn inmiddels weggehaald. De tijd die verpleegkundigen besparen doordat ze de praktijktraining niet hoeven te volgen, kan nu worden besteed aan de patiënt of aan andere scholing.”

Alternatieven

Als ze niet fixeren, wat doen ze dan wel wanneer een patiënt onrustig of agressief is? Marianne: “Fixeren zit niet meer in ons systeem. Het is geen optie. Je moet als ziekenhuis wel de middelen, ruimte en kennis hebben om ervoor te zorgen dat fixeren niet nodig is. Wij leggen de nadruk op het observeren van het (onrust)gedrag en het inzetten van alternatieve en preventieve maatregelen. Zo beschikken we over een huiskamer met een activiteitenbegeleider. We kunnen patiënten activeren, structuur en afleiding bieden.” Het hele team wordt hierbij betrokken. Petra: “We kijken dus goed naar waar de onrust vandaan komt. Zo kunnen we ervoor zorgen dat de patiënt minder prikkels ontvangt of dat de patiënt juist wordt geactiveerd, bijvoorbeeld door met de fysiotherapeut te gaan lopen of fietsen om onrust kwijt te raken. Ook kunnen er interventies worden ingezet, zoals het Poseybed (tentbed) of een extra laag bed. Het Poseybed is een wat zwaardere interventie, maar het biedt mensen vaak een gevoel van geborgenheid en maakt ze rustiger. Ook kun je kiezen voor minimale medicatie om iemand rustiger te krijgen.”

Veiligheid

Om de veiligheid van medewerkers en patiënten te garanderen, kunnen de verpleegkundigen in Zeist altijd de hulp van een beveiliger inschakelen. In de praktijk gebeurt dit zelden. Marianne: “De veiligheid voor jezelf en voor de patiënt is heel belangrijk. Als iemand agressief is moet je dit niet alleen aanpakken, maar altijd samen met het hele team. Het is belangrijk om ook de familie hierbij te betrekken.”

Volgende stap

Marianne werkt niet alleen in Zeist, maar ook als consultatief verpleegkundige op de locatie in Utrecht. Hier wordt nog wel gefixeerd. Recentelijk vond er een situatie plaats waarin de fixatie averechts werkte. “De bij deze patiënt aangebrachte fixatiebanden verergerden juist de al aanwezige angst en onrust. Met andere interventies (Poseybed, extra laag bed) en het wegnemen van ‘prikkels’ kon deze patiënt uiteindelijk toch zonder fixatie worden verpleegd.” Dit soort casussen worden goed nabesproken, zodat fixeren in de toekomst ook op de locatie in Utrecht kan worden voorkomen. Petra: “Dat is de vervolgstap.”

Dit nieuwsartikel is per december 2019 overgeplaatst van de oude website van V&VN naar de vernieuwde website. Eerder geplaatste reacties komen hiermee te vervallen. Wil je reageren op dit artikel? Praat verder op social media.

Word lid en praat mee!

Samen met 105.000 leden maken we ons als beroepsvereniging sterk voor professionalisering van de beroepen verpleegkundige, verzorgende en verpleegkundig specialist. Leden horen, zien en helpen; dat is waar we als V&VN voor staan. Wil jij invloed hebben op hoe jouw beroep zich ontwikkelt? Word lid van V&VN.