“Mijn naam is Alexander Verrópoulos, 29 jaar en ik zit in de ziektewet. Vanwege een GATA-2 mutatie heb ik Myelodysplastisch Syndroom (MDS), waardoor ik weinig energie […] heb. Omdat ik […] infecties heb gekregen, in het ziekenhuis heb gelegen en de aandoening veel impact heeft op mijn leven, heb ik het mentaal zwaar. Ik ben daarom op zoek naar een functie waarin ik niet hoef na te denken, geen stress ervaar en geen verantwoordelijkheid hoef te dragen.” 

 

Ik zorg voor patiënten.

Ik zorg voor vaders en moeders, dochters en zonen, opa’s en oma’s, vrienden en vriendinnen.

De afgelopen jaren zorgde ik voor een politieagent, docent, beeldend kunstenaar, militair, student, kok, personeelsfunctionaris, muzikant, wetenschapper, vrachtwagenchauffeur, verpleegkundige, arts, dj, technicus, ondernemer, winkelmedewerker, kabelmonteur, scheepsbouwer en vele andere mensen met vele andere beroepen. Mensen die hun beroep niet langer konden uitvoeren, omdat ze ziek waren en beter wilden worden. Die niet konden wachten om hun wekker weer te moeten zetten. Maar die hun energie nu nodig hadden voor bijwerkingen en complicaties; voor angst, onzekerheid en verdriet.

Zij vertelden me, soms tussen neus en lippen door, hoe rottig het voelt om niet meer te kunnen doen waar je goed in bent. Om daar (dus ook) geen waardering meer voor te krijgen. Bovendien: hoe zit het met je inkomsten? En kun je op de langere termijn überhaupt je baan blijven behouden? Vragen die vrijwel iedere kankerpatiënt uit de werkzame beroepsbevolking op enig moment bezighouden.

Gelukkig zijn er werkgevers die onmiddellijk onbeperkt vrijaf geven, het contact onderhouden en ervoor zorgen dat financieel alles geregeld is. Toch ervaart ruim een kwart van de kankerpatiënten bij hun bedrijfsarts een gebrek aan kennis over hun ziekte en de gevolgen daarvan.[1] Ik tref patiënten die volgens deze arts of het UWV vervangende werkzaamheden zouden moeten verrichten, of gedwongen worden te solliciteren. Natuurlijk, niet alle vormen van kanker maken het altijd onmogelijk om te werken. Maar dit gaat over patiënten voor wie nog allerminst zeker is wanneer en hoe ze het ziekenhuis zullen verlaten. Het maakt me boos. Kom dan kijken, beste bedrijfsarts! U stelt een onmogelijke eis!

Ook Alexander kreeg te horen dat hij mogelijk vervangend werk zou moeten verrichten. Hij zag het absurde van de situatie in en schreef alvast een open sollicitatiebrief.  

“Bent u op zoek naar een werknemer die weinig energie heeft, gevoelig is voor stress, een verhoogde kans heeft op infecties, regelmatig vrij zal vragen voor ziekenhuisbezoeken, en binnen enkele maanden uitvalt vanwege een beenmergtransplantatie? Dan ben ik een uitstekende kandidaat. Als u nog vragen heeft over mijn motivatie om te werken; die is er niet.”

Helaas overleed Alexander veel te vroeg, in juni 2018. Anders had ik het wel geweten. Aannemen, die jongen.  



[1] https://nfk.nl/nieuws/kwart-kankerpatiënten-mist-goede-begeleiding-bedrijfsarts
 

Rixt Bode

september 2019 en is verschenen in Oncologica jaargang 36, nr 3

Word lid en praat mee!

Samen met 105.000 leden maken we ons als beroepsvereniging sterk voor professionalisering van de beroepen verpleegkundige, verzorgende en verpleegkundig specialist. Leden horen, zien en helpen; dat is waar we als V&VN voor staan. Wil jij invloed hebben op hoe jouw beroep zich ontwikkelt? Word lid van V&VN.