Het overdragen van gegevens

Pictogram uitwisseling gedachten en data

Per jaar vinden ongeveer 300.000 verpleegkundige overdrachten plaats. Om ervoor te zorgen dat informatie over de patiënt volledig en eenduidig wordt overgedragen, zijn afspraken gemaakt over de informatie die bij een verpleegkundige overdracht uitgewisseld moet worden. Deze afspraken zijn vastgelegd in de informatiestandaard verpleegkundige eOverdracht. Hierdoor zijn verpleegkundigen aanzienlijk minder tijd kwijt aan het overtypen van informatie en worden er minder fouten gemaakt. De informatiestandaard zorgt daarnaast voor een eenduidige, volledige en elektronische gegevensoverdracht.

Knelpunt: elektronische zorgdossiers sluiten niet op elkaar aan

De verpleegkundige in het ziekenhuis legt de gegevens vast volgens de informatiestandaard eOverdracht. Ze geeft ze niet alleen aan dat Edith een decubituswond heeft, maar ook om welke categorie het gaat, wat de lengte en de diepte van de wond is en wanneer de laatste verbandwissel heeft plaatsgevonden. De gegevens die de wijkverpleegkundige vastlegt, komen niet overeen met de gegevens die via de informatiestandaard eOverdracht zijn vastgesteld. Hierdoor kunnen de gegevens niet direct worden ingelezen, maar moet de wijkverpleegkundige de gegevens handmatig overtypen.

Om de eOverdracht in te voeren, is V&VN in samenwerking andere partijen een pilot gestart in de regio Amsterdam. Uit deze pilot blijkt dat de gegevens bij overdracht van ziekenhuis naar wijkverpleging zeven keer handmatig moeten worden overgenomen door verpleegkundigen en verzorgenden. Dit komt doordat de verschillende elektronische zorgdossiers niet op elkaar aansluiten. De gegevens die in het ziekenhuis worden vastgelegd, komen niet overeen met de gegevens die bijvoorbeeld door wijkverpleegkundigen worden vastgelegd. V&VN ontwikkelt tools om de praktijk te helpen de eOverdracht in te voeren en zo registratielast sterk te verminderen.

Het delen van gegevens met de patiënt

Pictogram e-mail verkeer

Het ontwikkelen van en werken met eenduidige gegevens is niet alleen voor verpleegkundigen en verzorgenden van belang. De afgelopen jaren is ingezet op een zorgsysteem waarbij de patiënt meer regie krijgt. Zo is er meer aandacht voor samen beslissen en voor een actieve deelname van de patiënt aan zijn eigen zorgproces. Om als patiënt actief te kunnen deelnemen aan het zorgproces moet je toegang krijgen tot de informatie met betrekking tot je gezondheid én hier zeggenschap over krijgen. Vanuit dit perspectief is in 2016 door de Patiëntenfederatie Nederland in samenwerking met het ministerie van VWS, een programma ‘Meer Regie over Gezondheid’ gestart, waarbij de komende jaren wordt toegewerkt naar een digitale persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) voor patiënten.

In de persoonlijke gezondheidsomgeving kunnen patiëntengegevens van verschillende zorgverleners worden verzameld en opgeslagen. Denk aan verpleegkundige zorg, medicatie of onderzoeksuitslagen. Dit betekent dat gegevens die in het elektronisch zorgdossier worden vastgelegd, uitgewisseld moeten kunnen worden met de persoonlijk gezondheidsomgeving van de patiënt en andersom. De gegevens die door de patiënt worden verzameld, moeten uitgewisseld kunnen worden met het elektronisch zorgdossier van de zorgverleners.

Knelpunt: we zijn er nog niet

Het ontwikkelen van een persoonlijke gezondheidsomgeving is nog in ontwikkeling. Als deze persoonlijke gezondheidsomgeving er straks is, heeft dit mogelijk gevolgen voor het werk van verpleegkundigen en verzorgenden.

Als Edith zelf gegevens gaat verzamelen in haar persoonlijke gezondheidsomgeving, is het belangrijk dat deze gegevens ook zichtbaar worden in het elektronisch zorgdossier. De verpleegkundige kan dan samen met Edith de gegevens beoordelen en bepalen of het zorgplan moet worden aangepast. Voor Edith geldt dat ze straks in haar persoonlijke gezondheidsomgeving kan lezen dat er in haar zorgplan staat dat ze voldoende moet bewegen om ervoor te zorgen dat de decubituswond geneest. De afspraken die hierover zijn gemaakt met de wijkverpleegkundige kan ze makkelijk terugvinden. Momenteel is dit lastig. Dit komt doordat er steeds vaker wordt gewerkt met een elektronisch zorgdossier, niet met een papieren dossier dat bij de patiënt op de keukentafel ligt. Patiënten zoals Edith hebben momenteel geen toegang tot hun gegevens en de gemaakte afspraken.